Finland

Op jacht naar het Noorderlicht

Het Noorderlicht. Eindelijk heb ik het gezien maar de eerlijkheid gebiedt me te zeggen dat ik toch enigszins teleurgesteld ben. Waarom ? Ik ben dus gisteravond met een Finse fotograaf meegegaan. Hij woont in Rovaniemi en hij weet waar de beste spots liggen om het Noorderlicht te kunnen zien. Buiten het feit dat er geen bewolking mag zijn is het ook belangrijk dat er geen lichtvervuiling is. Dus geen straatlantaarns, hotelverlichting of maneschijn. Als laatste moet de Kp-index goed zijn en natuurlijk genoeg Zonnewind (!).
Ik kwam met hem in gesprek in de hazenlippenbar zaterdagavond. Zo noem ik de bar omdat ik op een uur tijd zeker zes personen met een hazenlipje spotte. Uiteraard niks mis met deze mensen maar het viel me gewoon op. Hij ging zondagavond op Poollicht-jacht en hij wilde me wel meenemen. Dit geluk heb ik weer dacht ik nog. Normaal gesproken zou met zoveel geluk op het moment suprême óf mijn SD-kaartje ineens vol zijn óf mijn batterij van het foto-apparaat zomaar leeg óf zo’n heel garnizoen yellende Chinezen bewapend met selfie-sticks ineens voor mijn lens opduiken. Hij pikte me met zijn jeep op bij het hostel en na een half uurtje rijden kwamen we aan op de open spot. Hij pakte zijn foto-materiaal uit en toen hij zijn kermis eenmaal had opgesteld was het wachten op dat wat komen ging. Daar stonden we dan beiden bij -12c naar boven te kijken. Ik voelde me net zo’n hondje wat tijdens het poepen naar boven naar zijn baasje staarde en er kwam maar niets. Toen we al een uur op die heuvel stonden te vernikkelen van de kou zei hij ineens: ”wel opletten he?”. Hij begon ineens als een bezetene te fotograferen en ik keek maar naar de donkere lucht maar ik zag niets. Hij zei:” je moet héél goed kijken”. En inderdaad. Ik moest heel goed kijken wilde ik een groen lapje licht zien. Was dit nu het Noorderlicht vroeg ik mezelf af en wachtte met fotograferen tot het fenomeen zich wat duidelijker toonde. Ik had eerlijk gezegd gehoopt op zo’n euforisch gevoel zoals ik vroeger als kind had toen mijn vader in zijn café voor de eerste keer de schakelaar van de disco-bol indrukte. Maar nee. Niets van dat alles. Nog geen oehs en ahhs. Géén kippenvel. Ik vroeg of dit “het” was. “Vind je het niet mooi dan ?”: vroeg hij. Ik grabbelde in mijn foto-rugtas en liet hem een folder zien waarin machtig mooie foto’s van het Noorderlicht stonden. Die knallende groene strepen, díe wilde ik zien. Niet die vage onduidelijke groene veegjes. “Ohhhh maar wacht maar zei hij, dat komt straks wel”. Voordat ik de juiste settings op mijn camera had ingesteld was het feest alweer voorbij. The show was over. Gelukkig had Lätti genoeg foto’s geschoten. Bij hem thuis aangekomen zette hij de foto’s op zijn IMAC. Vervolgens trok hij de foto’s door een fotoprogramaatje heen die de groene kleur zodanig deed versterken dat het begon te lijken op die in het foldertje. Helaas kwam ik met een fles Finse Karhu bier aan mijn lippen tot de conclusie dat het groene licht is not what you see is what you get. Alle foto’s zijn schijnbaar getruukt. Je kunt zelfs app-jes downloaden om de foto’s te bewerken. Helaas het is waar. Ik kreeg een paar fotootjes mee als aandenken en nadat hij me weer had afgezet bij het hostel droop ik stilletjes af naar de mannen-dormitory. Het is nu 05:00u in de morgen en schrijf deze ervaring op de kleine luchthaven in Lapland. Over een kwartier gaat mijn vlucht van Rovaniemi naar Helsinki en daarna vlieg ik meteen door naar Düsseldorf. Ik denk dat dit de laatste keer zal zijn dat ik een zo’n koude omgeving als Lapland bezoek. Maar toch ben ik blij dat ik het gedaan heb want ik heb hele mooie, aparte dingen gezien en gedaan. Toch heeft koude ook zijn beperkingen. Iedere dag jezelf inpakken om naar buiten te gaan. Je vrijheidsberoving in zo’n arctic pak. Nooit eens op een terrasje kunnen gaan zitten met de slippertjes en kort broekje aan. Tijdens het lopen ben je altijd op je hoede voor uitglijers. Kortom een heel ander way of living. Wintersportfanaten zullen me wellicht tegenspreken. En terecht uiteraard. Zij hebben een hobby als skiën of langlaufen en dat doe je in een skipak. Ik ben helaas niet ontworpen voor twee weken lang iedere dag hetzelfde te doen. Zeker van langlaufen zie ik totaal niet het nut. Ik ga me dan vervelen en anderen de kont uit hangen of mijn vriendin aan haar haren trekken. Of de hele dag in de kroeg hangen of meehelpen een appartement te latexen zoals destijds in de Dominicaanse Republiek. “Life finds a way”: zeg ik maar. 

Likje van een sledehond
Lynx gespot
Arctic pak
Iglohutje
Eland
noorderlicht.jpg

Limbo geeft les op een Filipijnse school

Een stagiaire liet ons een aantal lessen bijwonen. De leeftijden varieërden van vier jaar tot 16 jaar oud en de klassen bestonden uit 30-40 kinderen. De kinderen uit de buitengebieden moesten soms wel een uur lopen om op school te komen. Vanwege de ondervoeding konden sommige kinderen zich niet altijd goed concentreren. Discussies over wel of geen frisdrank op school worden hier niet gevoerd. Je krijgt water of water.

Overal waar we binnen kwamen werden we door de klas welkom geheten. Soms werd er zelfs voor ons gezongen. Er werd les gegeven in het engels (!). Wat ons op viel was de grote hoeveelheden sport die men kon doen. Voetbal, basketbal, softbal, zwemmen, taekwondo. Daar waar onze regering het zwemmen uit het lessenpakket heeft gehaald wordt hier lichaamsbeweging gestimuleerd en gesubsidieerd door de overheid. Nee, dikke kindjes zagen we hier niet. Ook geen playstations trouwens.

Het veroveren van meisjes door jongetjes gebeurde hier op dezelfde manier als bij ons vroeger in de jaren ‘80 in de dorpen. Als je een meisje leuk vond trok je haar aan haar haren of je verkocht haar een trap onder haar hol. Als de liefde wederzijds was lachte ze naar je. Trok ze een dik gezicht dan was een tweede poging bij voorbaat al kansloos. Of je moest misschien wat harder trappen 😂🤦🏻

Bij een aantal klassen mocht ik uitleggen waar we vandaag kwamen. Europa hebben ze wel eens van gehoord maar kom niet aan met Nederland of Amsterdam. Ze waren een en al oor. Na een paar uurtjes gingen we weer weg. Als dank trakteerden we op 160 ijsjes (😂) hetgeen leidde tot een flink gejuich 🍦🍦🍦

Hier probeer ik uit te leggen waar Europa ligt
de wc
de keuken was gewoon in de klas

Andorra

Via Rental cars had ik een huurauto gescoord voor de prijs van 4€ per dag. In totaal dus 48€ voor de komende 12 dagen. Ik vraag me in Spanje altijd af hoe ze auto’s kunnen verhuren tegen deze belachelijk lage prijzen. Voeg daaraan nog toe dat de Spaanse autoverhuurders niet vooraan stonden toen de efficiency -award werd uitgereikt -het duurde 35 minuten voordat ik met mijn huurcontract eindelijk in mijn auto zat- en je lacht je helemaal dood om dit bedrag. Na twee uur bereikte ik de grens van Andorra, een dwergstaatje ingeklemd tussen Frankrijk en Catalonië, een autonome gemeenschap binnen Spanje. Andorra ligt in de Pyreneeën en met maar 65.000 inwoners is het land zelfs kleiner dan zuid-Limburg. Ik meende altijd dat Andorra een beetje bij Frankrijk hoorde maar dat bleek toch niet waar te zijn want bijna iedereen spreekt hier Catalaans. Dit land heeft zelfs twee opperhoofden: een Spaanse bisschop én de president van Frankrijk. Zou Macron het zelf weten ?? Ooit door Karel de Grote gesticht om Frankrijk te beschermen tegen de Moren maar nu al 700 jaar zonder wapengekletter. Het leger is daarom maar opgedoekt. Als het hommeles wordt dan mogen Frankrijk en Spanje de defensieve taken op zich nemen. Bij de grens aangekomen zag ik dat de bestuurder van de auto voor me zijn paspoort liet zien aan de douanebeambte. Shit dacht ik. Das waar ook. Andorra is geen lid van de EU dus wordt het paspoort gecontroleerd maar die zat in mijn koffer in de achterbak. Gelukkig mocht ik van de beste kerel doorrijden zonder een controle. Na een half uur zat ik al in de hoofdstad Andorra de Vella. Deze stad ligt tussen twee bergen. De huizen zijn dermate dicht op elkaar gebouwd dat je allemaal van die McDrive weggetjes hebt (hier noemen ze de McDrive trouwens McAuto). Om op de parkeerplaats achter het hotel te komen moest ik heel scherp indraaien om op een klinkerpad te komen wat ineens met een steilheid van 22% omlaag dook. Met in totaal 5x voor-en achteruit rijden stond mijn überlelijke Hyundai op zijn plekje. Het voetbalstadion van het nationale team wordt bijna opgeslokt door een weg en een aantal hoge appartementen. Als een voetballer een beetje slecht mikt dan schiet ie zo de flessen bier van tafel. Met zijn maximale capaciteit van 1800 mensen is het natuurlijk bij iedere interland bomvol. Maar de Andorrokanen bakken er dan ook niets van he. Ze verliezen doorgaans altijd met een nulletje of 6. Ik heb het eenmaal meegemaakt dat ze wonnen: tegen wit-Rusland of zo. Het zijn in principe gewoon amateurs. Maar áls ze winnen dan gaat het land ook helemaal uit de plaat. Andorra is best goedkoop. Een pot bier kost 2€ en de Marlboro’s kosten 3,85€. Het is een belastingparadijs waardoor veel mensen en bedrijven hier hun geld naar toe brengen. De hele hoofdstad ligt overhoop. Werkelijk overal wordt gebouwd en verbouwd. Ze zijn hier ook helemaal verliefd op rotondes. Van die ieniemienie rotondes. Ik weet niet hoeveel ik er ben tegengekomen op een kilometer afstand. Ik heb gewoon een lamme arm van het sturen gekregen. Dit stadje is gewoon te krap gebouwd om kruispunten aan te leggen. Werkelijk om de 50 meter duikt er er een rotonde voor je neus op. Het liefst hadden ze er allemaal ene op de slaapkamer. Andorra is een echt wintersportland. Stukken goedkoper dan Oostenrijk en Zwitserland dus voor de sneeuwliefhebbers: grijp je kans. Ik overnachtte in hotel Sant Jordi. Een ietwat oubollig hotelletje maar voor een hele nette prijs kun je je ogen met een gerust hart sluiten. De kamers zijn schoon en je ligt helemaal in het centrum. De volgende morgen stond ik al om 07:00u op om te vertrekken naar Lourdes in Frankrijk. In restaurant les Ares op de top van een besneeuwde berg at ik een heerlijke Cannelloni met brood, olijven en spinazie. De hut werd warm gestookt met hout hetgeen een aangename geur verspreidde. Door het beslagen raam keek ik omhoog naar de besneeuwde bergtoppen: de eeuwige sneeuw wat nooit smelt. Hoe oud zal dit ex-water zijn ? Één miljoen jaar ? 100 miljoen jaar ? Hoe zou water van 100 miljoen jaar oud smaken ? Een rare gedachte toch ? Omdat water te drinken. Een uur later passeerde ik de grens met Spanje en weer een uur later zat ik in Frankrijk op weg naar Lourdes. Even bidden 🙏🙏🙏

Bloedbad van Oradour-sur-Glane

Ik was vandaag de eerste die het dorpje om 09:00u binnenliep. Het regende heel licht. De straatklinkers waren nat. Een grijze mistwolk hing tussen de overblijfselen wat ooit gebouwen waren waar gezinnen woonden . Overal stonden oude autowrakken. De naamplaatjes op de gevels gaven aan wie er gewoond hadden. Cafe Chez Compain, smid Jean Depierrefiche, garagehouder Pierre Poutaraud. Dit zijn van die plekjes waar ik even stil wordt. Ieder jaar bezoek ik wel een plekje waar in één van de twee wereldoorlogen iets naars gebeurd is. Waarom ik dat doe kan ik niet precies uitleggen. Het is een bepaalde interesse die ik als kind al had.

Op zaterdag 10 juni 1944, vier dagen na D-day, naderden soldaten van een SS-eenheid dit kleine dorpje. Het was een zonnige dag en in Oradour stonden de mannen te wachten voor de distributie van de tabak toen de eerste SS-ers het dorpsplein opreden. Daarna ging het allemaal heel snel en alles gebeurde volgens een draaiboek dat vaak werd gebruikt bij het vernietigen van dorpen in Rusland. Alle inwoners werden verzameld onder het mom van dat er een algemene identiteitscontrole zou worden uitgevoerd. Heel belangrijk was dat alle inwoners rustig zouden blijven en dat er geen paniek zou mogen uitbreken. Dat zou namelijk de effectiviteit van deze komende massamoord niet ten goede komen. Duitse SS-soldaten deden dan ook heel goed hun best om het vertrouwen te winnen van de bevolking. Ze namen baby’s op de arm, voetbalden met de jeugd, maakten praatjes met de inwoners en lachten er op los. Hier namen ze een paar uur de tijd voor. Toen de bevolking was gerustgesteld nam de SS-pelotoncommandant het woord en vertelde op rustige toon dat voor een snelle controle allereerst de mannen van de vrouwen moesten worden gescheiden. Hierna werden de mannen in een zestal groepjes gescheiden en naar verschillende plekken in het dorp gebracht. Daarna zou iedereen naar huis kunnen. Wat opviel is dat voor ieder groepje mannen automatische machinegeweren stonden opgesteld maar dit deed de alarmbellen niet afgaan. Opeens klonk er gezellige dansmuziek uit luidsprekers en men luisterde verheugd naar de mooie muziek. Niet veel later klonk er een harde knal dat als startsignaal dienst deed om tientallen machinegeweren aan het werk te zetten waarmee de mannelijke inwoners op de diverse plekken in het dorpje werden doodgeschoten. De vrouwen en kinderen werden vervolgens in de dorpskerk opgesloten. Deze werd opgeblazen met dynamiet. De verstikkende rook zorgde ervoor dat iedereen naar buiten wilde vluchten. Echter, buiten de kerkdeuren begonnen de machinegeweren er ook op los te ratelen. De vrouwen en kinderen hadden slechts één keuze: sterven. Ze hadden twee keuzes waardoor: de kogel of de verstikkende rook. Slechts één vrouw wist te ontsnappen door uit een raam te springen. Daarna werd de rest van het dorp verwoest. In een paar uur werd een compleet dorp met koelbloedige efficiëntie vernietigd. 642 mensen vonden die dag de dood, slechts zes dorpelingen wisten te ontsnappen. Het dorp is redelijk groot en het is inderdaad zo dat je het gevoel krijgt dat de bewoners plots zijn verdwenen wat natuurlijk ook zo is. De auto van de dokter staat nog midden op een plein, de naaimachines staan nog in de winkel en in de werkplaats staan auto’s. De meeste gevels staan nog rechtop, maar de rest van de huizen is compleet verwoest. Ook de tramrails en bovenleidingen zijn nog intact. Deze tref je vlakbij het kerkje, daar waar de vrouwen en kinderen de dood vonden. Vooral de lichte regen maakte deze dag extra treurig.

Nama-taal in Damaraland, Namibië

Ooit iemand zó horen spreken ?

In het Etosha NP zaten we aan de bar naast de kokkin Nancy. Met de barman sprak ze een wel hele aparte taal. Een taal die bestaat uit 31 medeklinkers waarvan er 20 uitgesproken worden door een klikje met de tong te maken. De taal wordt heden ten dage nog gesproken door de Hottentotten (Nama) en de Damara’s in Namibië. Geweldig om te horen dus probeerde ik het ook eens. Geluid aan !!

Nicaragua

Volcano boarding

Een tijdje terug besloot ik na het lezen van een activiteitenfolder om niet alleen langs de binnenzijde van een actieve vulkaan af te dalen maar ook om over de rand van deze vulkaan te lopen en deze vervolgens met een rotvaart op een houten plankje omlaag te glijden. Nabij León in Nicaragua scheen de enige vulkaan ter wereld te liggen waar je dit zou kunnen doen. Na een goed ontbijt vertrokken m’n reismattie Sabine en ik richting de asvulkaan Cerro Negro. Halverwege de beklimming van de 728 meter hoge vulkaan kreeg ik echter last van het bonenontbijt en voor mijn gevoel rustte er zes bar op mijn sluitspier. Nee, hier waren geen wc’s dus ik moest nog even volhouden. Er was ook geen pad naar boven gemaakt dus we maakten onze eigen route. We liepen over kleine en grote brokken puimsteen. Zo nu en dan zwikte ik om. Balanceren was hier heel moeilijk. Boven aangekomen keek je omlaag naar het binnenste van de 170 jaar jonge vulkaan. We moesten nog eventjes omhoog zodat we eenmaal over de rand geklommen weer konden afdalen maar dan aan de hete zijde van de vulkaan. Aan de binnenzijde zag je overal pluimpjes hete stoom uit de grond omhoog komen. In 1999 was hij voor de laatste keer uitgebarsten en hij dampte nog altijd na. In 2004 had hij nog eens de hik maar dat was het dan ook. 20 jaar stelt in vulkaantaal natuurlijk niets voor en betekent zoiets als de dag van gisteren. Onze gids sprong ineens omhoog en toen zijn voeten weer de bodem raakten klonk er een dof geluid. Alsof je op een houten vloer sprong. Ik besefte ineens dat we op een soort natuurlijk gevormd dak stonden. Onder dat dak bevond zich natuurlijk de hete lava ! En die maf stond op het hard geworden korstje te springen. Heel voorzichtig liep ik weer terug naar de zijkant van de vulkaan. Onze gids moest er mee lachen. Eijj ! Ik ben hier niet opgegroeid ! Ik heb de ballen verstand van vulkanen haha. Snel weg hier !

Het was sowieso warm op die plek. Wel 65 graden vertrouwde de gids ons toe. Snel liepen we over de rand van de vulkaan naar boven en kleedden we ons om om te beginnen met de afdaling waarbij snelheden van 70 km/uur zouden worden bereikt. Met een dikke overall over onze kleding en een veiligheidsbril over onze ogen zaten we klaar om omlaag te knallen. Toen klonk een harde GO ! Hierop trok ik hard aan het touw en kwam al meteen goed op snelheid. De zwarte as vloog in mijn gezicht. Het deed niet echt pijn maar je voelde het wél. Nu begrepen we meteen waarom we een bril moesten dragen. Het scheen dat mensen tijdens de afdaling wel eens een armpje of een beentje braken. Ook dat geloof ik wel. Kijk maar eens naar het filmpje 🤦🏻😂. Gelukkig gebeurde er niets en konden we heelhuids terug naar León mét een hele leuke ervaring in onze achterzak 🤗🍀🇳🇮

7 star hotel Burj al Arab, Dubai

Dit hotel, dat door de pers wel eens aangeduid wordt als het één miljard dollar kostende zevensterrenhotel, is nog steeds één van de meest opvallende bouwwerken van Dubai. Wereldwijd is het zelfs bekender dan de Burj Khalifa, de hoogste toren ter wereld. Dat komt omdat heel veel Dubai-gerelateerde berichten in de pers begeleid worden met een foto waarop Burj al Arab staat. Wat betreft vormgeving is er geen enkel andere gebouw dat zelfs maar in de buurt komt van de Burj al Arab. Angelica en ik hadden een kamer in het OYO 393 Al Wehda Hotel (klik hier) in de arbeidersbuurt van Dubai (Deira) en we betaalden maar 26 euro voor een nachtje.  Dubai is supergoedkoop. Iedereen méént dat het duur is maar dat is absoluut niet zo. Dubai biedt wel de mogelijkheid om het zo duur te maken als je wilt. Dit in tegenstelling tot Amsterdam en Parijs waar er een prijzenplafond is. In de Burj el Arab kun je bijvoorbeeld 15.000 euro voor een kamer betalen. In Parijs en Amsterdam zijn die mogelijkheden niet. Je kunt echter ook héél cheap naar Dubai gaan en wat extra geld uit geven aan de leuke dingen die je daar kunt doen. Zo vonden we het leuk om eens een drankje te gaan doen in de skybar want zoals het een tophotel betaamt heeft ook Burj al Arab een skybar. In dit geval eentje die op 200 meter hoogte boven de zee zweeft. Vanuit de skyviewbar zie je overdag zee en ‘s avonds eigenlijk niets. Uitzondering is als je aan een van de tafeltjes aan de zijkant zit. Dan heb je een zijdelings zicht op Dubai.

We hadden thuis online reeds een ticket besteld. Een soort voucher met een waarde van 150 euro (klik hier). Dat was het allergoedkoopste voucher wat ik kon vinden op hun site. Toen we met de taxi arriveerden opende een grote neger in kostuum het portier en heette ons van harte welkom. Met de roltrap en de lift kwamen we aan in de skybar. We bestelden wat fingerfood en een biertje met een wijntje. Het glas wijn kostte 18 euro en het japanse Asahi biertje koste 17,50 euro. Kijk, zo gaat het snel met die 150 euro haha. Burj al Arab telt geen kamers maar suites. Iedere suite van tenminste 165 vierkante meter heeft ook nog eens een persoonlijke butler, die voor aankomst van de gasten er al voor zorgt dat er aan alle wensen voldaan is. Wat er in Burj al Arab als goud uitziet, is ook daadwerkelijk goud. In het hotel is dan ook 1790 vierkante meter 24-karaats bladgoud verwerkt. Je kunt natuurlijk ook met een Rolls Royce of BMW 7-serie vanaf het vliegveld naar Burj al Arab reizen. Het hotel biedt haar gasten ook een helikoptertransfer aan, waarbij je binnen 15 minuten op het spectaculaire helikopterplatform landt. Kosten? Zo’n 2200 euro…. per persoon haha. Wij ging gewoon met de metro. Voor 20 euro kun je in Dubai drie dagen lang gebruik maken van de metro en in en uit stappen zo vaak je maar wilt. De hotellobby bevindt zich op 180 meter hoogte binnen het hotel. Hiermee is het de hoogste hotellobby ter wereld. Nog een leuk weetje is dat je in de spa van het hotel je een tijdelijke tatoeage laten aanbrengen waarbij de folie voor 99,9% uit platinum of goud bestaat. De duurste cocktail die je in de Skyview Bar kunt bestellen is ‘The Birth of an Icon”. Deze op een daiquiri geïnspireerde cocktail bevat St. Lucia Distillers Nine Cask rum, vers limoensap, gedroogd goudstof met Cointreau, aged Cointreau en huisgemaakte sinaasappelbitters. Kosten per glas is 15.000 AED, wat neerkomt op bijna 3500 euro. Op 211 meter hoogte speelden Roger Federer en André Agassi in februari een vriendschappelijk potje tennis. In oktober 2013 draaide ex-Formule-1-coureur David Coulthard wat rondjes op het platform. Tegenwoordig kun je elkaar ook het ja-woord geven op het helikopterplatform. Liefhebbers van vis krijgen deze niet alleen geserveerd op hun bord in Burj al Arab. Je kunt ook vijftig vissoorten bewonderen in drie aquaria in het hotel: twee in de lobby en eentje in restaurant Al Mahara. In het interieur van Burj al Arab zitten maar liefst 28.000 lampen verwerkt. Ik heb ze niet allemaal geteld maar dat stond hier ergens in een folder. In het hotel is maar liefst 24.000 vierkante meter aan marmer verwerkt. Niet zomaar marmer, maar dertig verschillende soorten van de beste kwaliteit ter wereld. Oorspronkelijk was het de bedoeling dat Burj al Arab gewoon op het vasteland gebouwd zou gaan worden in plaats van op een kunstmatig eilandje voor het strand. Omdat men besefte dat het 332 meter hoge gebouw dan een te grote schaduw op het strand zou werpen, heeft men ervoor gekozen Burj al Arab zo weg te zetten dat het haar gasten nooit in de schaduw zet als die liggen te zonnebaden. Alsof alle luxe in het hotel nog niet genoeg was, introduceerde men in 2013 de gouden iPad als ultieme gadget voor de hotelgasten. Bij iedere hotelsuite hoort een iPad die met 24-karaats goud versierd is. Het is overigens de bedoeling dat je deze dure tablets na het uitchecken in het hotel achterlaat. Wil je er toch eentje hebben, dan kun je ze voor prijzen van rond de achtduizend euro kopen in de boetiek van het hotel. Het heeft 5 jaar geduurd om Burj al Arab te bouwen. Men begon in 1994 met het aanleggen van het eiland, wat twee jaar in beslag nam. De daadwerkelijke bouw duurde drie jaar, om uiteindelijk op 1 december 1999 officieel geopend te worden. Als je dan toch in Dubai blijft zou ik hier zeer zeker naar toe gaan.

Slettestrand, Denmark

Één van mijn hobby’s is plekjes te bezoeken met een rare naam. Niet zo zeer raar in de zin dat je de naam nooit hoort maar meer in de zin dat de naam van het straatje of dorp even blijft hangen tussen je oren. Zo ook het Slettestrand in het noorden van Denemarken. Meestal beland ik bij mijn zoektocht naar een plek met een rare naam in een of ander kutdorp waar dan ook helemaal niks aan is. Maar hier was dat wel anders. Hier in provincie Jutland schijnt dus één van de mooiste strandjes van Denemarken te liggen. Slettestrand heeft een heerlijk breed zandstrand en de altijd wapperende blauwe vlag is een teken van schoon zwemwater. Het strand wordt afgeschermd door lage duinen en is autovrij. Dit in tegensteling tot vele andere Deense stranden waar je met je auto mag crossen.  Dit strand is ook bij de plaatselijke bevolking zeer geliefd gezien de hoeveelheid auto’s met Deens kenteken. Op weg naar het strand kwamen we door gezellige vissersdorpjes waar veel kunstenaars wonen. Op het strand zelf lagen overal houten vissersbootjes in mooie felle kleuren.  Wil je mijn andere plekjes met rare namen zien ? Klik hier.

Møllestien, Aarhus, Denmark

We hebben het mooiste straatje van héél Denemarken gevonden 😊. Toen we het centrum van havenstadje Aarhus aan het verkennen waren, kwamen we toevallig in Møllestien , een met keien geplaveide straat met schitterende, kleurrijke huizen uit de 18e eeuw en daardoor zéér instagrammable. Het is geen groot toeristisch gebied want we kwamen maar heel weinig mensen tegen en degene die we tegenkwamen waren inwoners van het stadje zelf.  De huisjes zien zo knus en gezellig uit dat je er het liefst een hapje van zou willen nemen. Ieder huisje heeft weer een andere kleur zodat het voor ons heel moeilijk was om te kiezen welk huisje nu het mooist was. De lak van de kozijnen was ook in kleur en die paste goed bij de kleur van de voorgevel. Møllestien betekent Molenstraat en deze oorspronkelijke naam dateert uit de Vikingtijd. Deze huizen echter zijn vakwerkhuizen en werden pas in de 18e en 19e eeuw gebouwd. De huizen waren oorspronkelijk slechts één verdieping hoog gemetseld. Ze zijn gemaakt met slechts één of twee ramen en een deur, maar de meeste huizen hebben tegenwoordig een aanbouw. Ze behouden echter nog steeds de ouderwetse stijl. De straat was eigenlijk langer, maar de huizen gingen in het begin van de 20e eeuw achteruit in kwaliteit doordat ze vanwege geldgebrek onvoldoende werden onderhouden. Hierdoor werden sommige delen van de straat afgebroken om nieuwe huizen te bouwen. Gelukkig is de stad begonnen met het renoveren van de huizen die in de jaren zestig overbleven. Tegenwoordig ziet de straat eruit zoals je haar in het jaar 1870 (!) zou zijn tegengekomen. We houden ervan hoe kleurrijk de huizen in Denemarken zijn en Møllestien was een van de kleurrijkste straten die we ooit hebben gezien. Zeker in de zomer staan de bloemen en planten voor de huizen of op de vensterbanken in volle bloei. Zéér de moeite waard ! 

Stockholm

Rond 12:00 uur vertrokken we vanuit Oslo naar Stockholm. Het zou een oersaaie rit van zes uur lang worden. Als je twee weken gewend bent om met een maximale snelheid van 50 km/uur alleen maar leuke, scherpe bochten te snijden en als je alleen maar tussen de hoge bergen hebt gereden dan valt het wel tegen om alleen maar op vlak wegdek te rijden en alleen maar dennenboompjes te zien. ’s Avonds kwamen we aan op het eiland Färentuna, op een uurtje rijden van Stockholm. Gelukkig was het lang licht zodat we nog konden zien waar we reden. Onze vrienden Andreas, Thalita en hun kinderen Bam en Pixie wonen op een prachtig eiland. Een aantal jaren geleden hebben ze Limburg uitgezwaaid en zijn vanuit Weert naar Zweden verhuisd. Het leek net alsof je zo’n gezellig vakantiepark op reed. Overal stonden van die gezellige houten huisjes en hadden ze een lap grond achter de hut waar we in Nederland alleen maar jaloers op zouden kunnen zijn. Achter in de tuin stonden twee boten. Ze deden het niet maar Andreas is een klusser eerste klas dus het zou me niet verwonderen als hij binnenkort aanmeert in de haven van Stein zo van:”joehoeee…we zijn er !”. Hun huiskamer is heel knus ingericht en overal hangen of liggen wel spulletjes die me aan festivals doen denken. Het zijn twee echte gadget lovers. Je komt ze overal wel tegen in huis. Achter in de tuin stonden ook nog drie tuinhuisjes. In ene daar van slaapt Bam. Bam vond het niet erg om twee nachten bij zijn zusje Pixie te moeten slapen om zodoende zijn tuinhuisje aan ons af te staan. Ik zag een hele verzameling autootjes staan en zei op blijde toon:” kijk, Bam heeft op iedere auto oogjes getekend met een stift”. Angelica moest al lachen en vertelde me dat die oogjes er standaard op zitten en dat die auto’s mee doen in de animatiefilm “Cars”. Tja…. aan dit soort dingen merk ik dat ik ouder word haha. Qua water en stroom zijn ze bijna zelfvoorzienend en in de winter lijkt het me heel gezellig zo met zijn alleen voor een met hout gestookte kachel.

Achtertuin met helemaal rechts het knusse tuinhuis waarin we sliepen
Limburgers in Zweden
Bospop 2018
Hier wonen Andres en Thalita met hun kids Bam en Pixie
Riddarholmen church

Gamla Stan

Gamla Stan betekent letterlijk oude stad. Hier namen we een lekkere lunch in één van de vele bistrootjes op het oergezellige plein Stortorget dat omgeven wordt door kleurrijke huizen. In de omgeving liggen nauwe straten en stegen die een middeleeuwse aanblik hebben. Toch is dat een niet helemaal realistisch beeld. De nauwe straten stammen inderdaad uit de Middeleeuwen, maar de meeste huizen zijn jonger. Maar wat maakt het uit, in dit romantische deel van de stad maakten we een leuke wandeling en kwam we toch weer wat verrassingen tegen.

Gamla Stan
Gamla Stan
Gamla Stan
Riddarholmen church
Stockholms ström

De stadsbibliotheek

We gingen op zoek naar de stadsbibliotheek zoals je die alleen in sprookjesboeken tegen komt. Met van die boekenkasten waarbij je een ladder nodig hebt om bij de bovenste plank te komen. Zo’n soort bibliotheek bestaat echt, en hij staat hier in Stockholm! De Stadsbibliotheek, gebouwd in 1928, heeft boeken in meer dan 100 talen. Woww…

Stockholm Public Library
Stockholm Public Library

Koninklijk domein Drottningholm

Het Koninklijk Domein van Drottningholm is een kasteel met bijgebouwen en tuinen in de gemeente Ekerö, net buiten Stockholm. Het is gelegen op het eiland Lovön, een van de vele eilanden in het Mälarmeer en is sinds 1981 de privéwoning van de Zweedse koninklijke familie. Het werd in 1991 opgenomen als cultureel erfgoed op de Werelderfgoedlijst van UNESCO. Het zuidelijke deel van het kasteel is gereserveerd voor de koninklijke familie.

Koninklijk domein Drottningholm