De Amazone

“The Amazone counts more eyes than leaves….” Luis Torres (indiaanse Amazonegids)

 

Dag 1: aankomst in de jungle

’s Morgens vroeg nam ik het vliegtuig vanuit de hoofdstad Quito naar Lago Agrio (Nueva Loja), de hoofdstad van provincie Sucumbios welke zowel grenst aan het Amazonegebied van Colombia als dat van Peru. Er zijn in Ecuador slechts vijf provincies welke zich in het Amazonegebied bevinden. De andere vier zijn Orellana, Pastaza en Morona Santiago en Zamora Chinchipe. En daar stond hij dan, dé indiaan, Luis Torres. De man die zich voor de ogen van Amerikaanse wetenschappers had laten bijten door een dodelijke spin. Tenminste,  de biologen hadden in hun boeken geschreven dat het gif van die soort spin giftig was. Als kind was Luis echter gebeten door hetzelfde merk. Gedurende drie uur was er een tijdelijke blindheid ingetreden. Hierna kon hij weer normaal zien. Als bewijs had hij zich zittend op een stoel laten bijten door zo’n harig geval. Kijk met dit soort indianenverhalen zit je bij mij meteen goed. Met zo’n kerels wil ik meteen vriendjes worden.1 IMG_3822IMG_3851IMG_3989IMG_3992

In een aftands busje reden we gedurende twee uur over deels onverharde kronkelige wegen. In het laatst bewoonde dorpje van deze provincie (Tarapoa) deden we onze nodige inkopen . In een 12 meter lange kano met buitenboordmotor zetten we onze tocht voort over de rivier Rio Cujabeno. Dit was een hele mooie tocht over een riviertje van maximaal 20 meter breed. Nu zaten we dus in primary forest. Overal om ons heen zag ik de dichtbegroeide jungle en hoorde ik onherkenbare geluiden van dieren. Uiteindelijk kwamen we na een tocht van drie uur zwetend van de tropische hitte aan in onze lodge alwaar kokkin Gloria reeds een lekkere maaltijd voor ons had gemaakt.

IMG_0886
Relaxen op de veranda bij het meer
IMG_0888
Hier kregen we iedere morgen ontbijt
IMG_1150
Luis Torres

IMG_3854IMG_3980

IMG_3983
Onze lieve kokkin Gloria
IMG_3985
Onze Ozzi Lucky !

Als voorafje aten we een heerlijke Amazone bonensoep. Daarna kregen we een lekker stuk vlees met geroosterde aardappelen en groenten waarvan ik de naam niet kon uitspreken. Dichtbij de lodge zat een hongerige kaaiman dus het was altijd uitkijken als we de kano uitstapten. We konden dus nergens zwemmen behalve in het midden van het meer want daar kwamen ze niet. In goed vertrouwen hebben we dat dan ook gedaan. Al voelde ik wel onder water wat langs mijn benen glibberen. Over slangen in het water had hij niets verteld brrr. Bij een constante temperatuur van 28°C was het overigens wel lekker.

Zelfs het ’s nachts koelde het niet verder af dan 25°C. De handdoeken droogden niet want de luchtvochtigheid was heel hoog. Alle kleding had ik uitgehangen en toch voelde alles klam aan. Als afsluiting hielden we een nachtelijke jungletocht. Onze gids zag talloze spinnen. Dodelijke en niet-dodelijke. We moesten dicht bij hem blijven en mochten ter ondersteuning geen takken omklemmen met onze handen. Aan de achterzijde van de tak kon inmers een extreem giftige Zwerfspin zitten. Die zou meteen zijn giftanden in mijn hand zetten. Mijn bloed zou dan binnen tien minuten dermate dik worden dat mijn hart dit niet meer kreeg rondgepompt. Een attackje zou het werk dan afmaken. Ons werd op het hart gedrukt dat áls we gebeten zouden worden we niet in paniek moesten wegrennen maar dat we moesten kijken welke spin ons gebeten had. Met onze beschrijving kon Luis achterhalen of de beet dodelijk was of niet. We zagen drie birdeating Tarantula’s, een tree Tarantula, een Wolfspider, een golden silk orb Weaver, een scorpion spider, een Devil spider, een Xenesthis Tarantula (een Fungi) en veel army Ants.

IMG_0923
Nightwalk

Dag 2: een hike door de Amazone

’s Morgensvroeg speelde ik met de huis-kaaiman. Beetje dat beest zitten eikelen met een stuk brood aan een stok. Hij had heel aparte blauwe-groene kleuren hetgeen hem heel apart maakte. De brilkaaimannen in de Everglades, Florida zien er weer heel anders uit.

IMG_1455
De huiskaaiman

Vandaag stond een Amazone-hike op het programma. Gedurende vier uren baanden we ons een weg door het tropisch regenwoud. We zagen ontelbare dieren, bomen en planten. Onze gids Luis Torres bleek een ware expert te zijn. Hij is in de jungle geboren en spelenderwijs leerde hij als kind reeds omgaan met de gevaren van de Amazone. Hij is heel vaak gebeten door spinnen en slangen en verzamelt ze in potjes in zijn hut. Slechts 2% van de hele Amazone bevindt zich in Ecuador. 70% van alle geneesmiddelen vindt zijn oorsprong in de Amazone. En dan vertelde hij nog dat slechts 2% van de hele Amazone ooit door mensen bezocht is (!) Enigszins raar vond ik het om te horen dat Luis meende dat de Noordpool en de Zuidpool hetzelfde waren. Zover reikte zijn kennis helaas niet. In het Cuyabeno-gebied woonden rond 1950 een aantal uiterst vijandige stammen. Op vandaag rest er nog slechts één stam: de Jibaros. Ze hebben een gebied toegewezen gekregen waarin ze mogen wonen en jagen. De regering laat ze dus ook met rust. De leden van deze stam staan er om bekend dat ze de hoofden van bezoekers afhakken en deze gedeeltelijk ontdoen van hun huid. De schedel wordt volgens een bepaald procedé verkleind tot de grootte van een vuist. De lippen worden op elkaar vastgebonden met touw om er voor te zorgen dat de kwade geest niet ontsnapt. De lichamen worden in een rivier gegooid zodat ze kilometers verderop gevonden worden. Dit doel is tweeledig: én het schrikt toekomstige bezoekers af én uit ze doen het uit respect voor de nabestaanden van de overledene. Zodoende gunnen ze de “vijand” toch een waardige begrafenis. Óók vallen ze eenmaal per jaar een hut van een stamlid binnen en vermoorden iedereen ter plekke. Alleen de jongere vrouwen worden als bruid aan een mannelijk stamlid toegewezen. Van je maten moet je het hebben pfff….

1
Slachtoffers van de Jibaros-stam

IMG_7858IMG_0912

IMG_0945
Tarantula

IMG_0947

IMG_0948
Bananenspin
IMG_0958
Tarantula
IMG_0988
Tarantula

IMG_3913IMG_7857

Na een dik uur kregen we voor de eerste keer te maken met een tropische regenbui. Onze ponchos boden enigszins bescherming tegen het opvallende warme water. Het pad veranderde in een modderpoel en af en toe zonken we tot aan onze knieën weg in de drap. We liepen over boomstammetjes om de modderpoelen te ontwijken. Langzaam werd het weer droog. Een half uur later werden we vijandelijk begroet door honderden woedende Red howler Monkeys. Ik voelde me enigszins ongemakkelijk toen ze takken afbraken en deze onder oorverdovend gebrul naar ons groepje omlaag gooiden. Onze Gids Luis vertelde ons dat de apen “putu” (boos) waren omdat wij hun gebied doorkruisten. We besloten om snel door te lopen. Onderweg zagen we het voetspoor van de Brazilian Tapir maar het had geen zin om hem te volgen. Met zijn scherpe reukorgaan rook hij ons al van een kilometer afstand. Hij zou dus gewoon weglopen. Na vier uur zagen we onze kano weer liggen en konden we geheel doorweekt van de lekkere warme regen verder over rivier de Cuyabeno. Tijdens deze tocht dacht ik veel aan mijn kleine baby Ymàra. Ik hoop dat zij later ook dit soort avonturen gaat meemaken. Het is goed af en toe je grenzen op te zoeken. Ik zie steeds meer studenten van 18 jaar die voordat ze aan de universiteit beginnen een jaar low-budget gaan rondreizen. Ik vind dit een goed idee. Even die navelstreng doorknippen en de wijde wereld in. Alles zelf regelen. Weg bij paps en mams. Helemaal op jezelf. Jezelf leren kennen. Eventjes weg bij de nagellakjes, hairspray en het getut voor de spiegel. Hier word je volwassen. Geen tijd voor TLC of TMF. IMG_0854IMG_0967 (1)DCIM100GOPROG0110685.

Dag 3: bezoek aan een indianenstam

’s Morgens werd ik gewekt door een hevig gebrul van honderden apen (common squirrel monkeys). Ze trokken in een grote groep langs onze lodge. Volgens de gids gingen ze ergens herrie schoppen. Ze waren “putu” ! Na het ontbijt gingen we vanaf Lago Grande de rio Cuyabeno stroomafwaarts en kwamen we na drie uur aan in een totaal afgesloten commune met de naam Puerto Bolivar.

We werden welkom geheten door de Yakchac (jungledokter) Olmedo. We leerden hoe we een brood moesten bakken van de wortel van een boom (Yuka-boom). Ook mochten we pijltjes schieten met zijn blaaspijp. Ze spreken het Paicoca. Een minderheidstaal welke slechts gesproken wordt door slechts 300 mensen. Op deze tocht zagen we veel dieren: twee anaconda’s, een luiaard, een groep white-throated Toekans, long-billed Woodcreeper, ringed kingfishers, striated Herons, bat Falcons, een Tree frog, passion vine butterflies, een black caimán, een Morpho butterfly, long-tailed potoo, blue-and-yellow Macaw,s, Greater Ani, Roadside Hawk, Wattled Jacana, wandelende takken en de pink-river Dolphin. Wat een lijst he ? Het kostte me een half uur tijd om allemaal die namen op te schrijven. Luis dicteerde me die onder het genot van een flesje bier.

1
Toekan

IMG_1375

IMG_3828
Cuy eten. Oftewel cavia.

DCIM100GOPROG0120720.IMG_0928IMG_0936IMG_1074IMG_1229IMG_1274IMG_1275

IMG_1415
Jungledokter Olmedo

IMG_3911

Dag 4: oh jee…diarree

Minder dagje. Heftige diarree. Ik skipte alle dagprogramma’s. Ik wilde zo dicht mogelijk bij de pot blijven voor het geval. Het duitse-deense stel Catherine en Freyda namen afscheid en werden met de kano terug gebracht naar Tarapoa. Aussie Lucky ging met ze mee en besloot met de peddlekano terug te peddelen. Ik speelde wat met de huis-kaaiman. Iedereen was immers weg. In de keuken vond ik lekkere stukjes vlees en brood. Ik besloot de twee meter lange Crocky eens te gaan verwennen. Met het voedsel aan een stok geprikt schoof ik haar alles fijn in haar wijd opengesperde bekkie. Iedere keer probeerde ik dichterbij te komen. Het dichtsbij was een halve meter. Maar toen begon ze naar mijn gevoel wat te zeer met haar ogen te rollen. Met een dikke 100 kg vlees hoefde ze een aantal weken niet te jagen besefte ik ineens. Rond 16:00u kwamen twee nieuwe gasten binnen. Verrassend genoeg bleken dat Irene en Vreni uit Zwitserland te zijn. We hadden na de catamarantocht op Galapagos al afscheid genomen en elkaar een leuke voortzetting van de reis toegewenst. Nu zaten we weer met elkaar “opgescheept”. We hebben tot ’s nachts 02:00u op de veranda aan het meer gezeten. Gezellig wat gebierd. Irene kwam ineens lijkbleek van de wc terug. Er zat zo’n dikke kikker in de toch al niet frisse pot. Tja. Dan moet je even het boekje erbij halen om te kijken of ie niet giftig is haha. Een uurtje later gingen we maar naar bed. Op onze weg door het paaldorp zagen we enkele jonge tijgerpythons. Ene hapte naar mijn camera maar die kon daar gelukkig goed tegen.

IMG_1145IMG_1173IMG_1180IMG_1229IMG_1076IMG_1166IMG_3914IMG_3968

Dag 5: de wespen aanval

Vandaag heb ik lekker lang uitgeslapen. We maakten nog een mooie ochtendwandeling in de buurt van het paaldorp en kwamen schitterende bloemen en planten tegen.

Rond de middag vertrokken we met de kano richting Tarapoa. Nadat we een uurtje gevaren hadden kruiste een zwerm wespen onze route. We werden alle vier méér dan drie keer gestoken. Dit deed meer pijn als een wespensteek thuis. Ik hield er drie kleine zwellingen aan over. Via Tarapoa gingen we met een busje naar het vliegveld van Lago Agrio. Hier nam ik afscheid van Ozzi Lucky. Om 17:00u vertrok het vliegtuig en was het Amazone-avontuur voorbij. Om 18:00u kwam ik in Quito aan. De derde keer deze maand. Het leuke is dat de Ecuadorianen tijdens het vertrek van het vliegtuig allemaal een kruisje maken en dan hun duim kussen. Het vertrouwen in de techniek is blijkbaar niet zo groot. Vannacht om 04:00u heb ik de wekker gezet en neem ik weer een binnenlandse vlucht richting Cuenca in het Andes-gebergte.

2 gedachten over “De Amazone

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.