Via een tussenlanding in Qatar 🇶🇦 kwamen we aan in Hanoi, de hoofdstad van Vietnam 🇻🇳. Op de luchthaven stond onze gids Duc en chauffeur Dyong al klaar om ons op te pikken. Duc had zich prima voorbereid op onze komst en had zijn beste KNVB-pet opgezet. We waren al langer dan 24 uur wakker en de wallen onder onze ogen begonnen serieuze vormen aan te nemen. Maar Duc had een verrassing voor ons: we zouden niet gaan slapen want het was pas 14:00u. We konden even fluks onder de douche springen en daarna begon het middagprogramma.

Old Quarter











Train street
Hanoi Train Street was een van die plekken die ik al jaren op Tiktok video’s voorbij zag komen. Eerlijk gezegd wisten Paola en Peter niet wat ze konden verwachten toen we er eindelijk naar toe gingen. Onze chauffeur Dyong stopte er rond 14:00u. Tijd genoeg om iets te eten en te drinken op de vele smalle terrasjes aan weerszijden van het enkele spoor en we keken toe hoe het leven zich om ons heen ontvouwde.
We pakten het eerste terrasje wat we tegenkwamen maar we kwamen al snel er achter dat dit een verkeerde keuze was want als de trein zou komen en ik zou filmen dan was de achtergrond niet mooi. We besloten dus alleen iets te drinken, te betalen en daarna 100 meter verder te lopen zodat we een beter uitzicht hadden . Toen we klaar waren met eten klonk het harde geluid van een scheepshoorn, het moment dat iedereen opstond en in de richting van het spoor keek. De trein kwam eraan ! Ons tafeltje moest 25cm naar achteren want anders kon je het naar het milieupark brengen.

Toeschouwers werden zenuwachtig: zouden ze alles goed in beeld kunnen brengen ? Werden ze niet geraakt door de trein ? Niet voor niets had de burgermeester vorige maand alle restaurantjes laten sluiten omdat toeristen tot op het laatste moment op de rails bleven staan. Een ongeluk zit immers in een klein hoekje. Het was zo’n surrealistisch en onvergetelijk moment. Een van die ‘only in Vietnam’-ervaringen die een plekje op onze Vietnam-reisroute verdiende. Sommigen hadden hun iphone in een houten staander op de rails gezet om beelden van onder te maken. Een tip van mij is dan ook: neem een oud fotoapparaat mee om op de rails te zetten (!).










Restaurant Hanoi Food Culture
Hier zien we tweemaal gaan eten op aanraden van onze gids Duc. Hier aten we héérlijke Vietnamese lekkernijen. Het restaurant is gevestigd in een uniek oud Frans gebouw, verborgen in een klein steegje, en een beetje weg van het bruisende Hanoi. We waren hier op de tweede dag wéér geweest voor een zeer indrukwekkend diner. Het eten was uitzonderlijk en we waren dol op de mix van traditionele smaken en moderne gerechten in het 3-gangen diner dat Angelica had uitgekozen. Wat een geweldige keuze was dit. De buffelsteak was voortreffelijk en we betaalden voor eten en drinken samen maar 18,75€ per persoon. In Nederland waren we zeker 75-100€ p.p.kwijt geweest.








Water puppet show
Duc kende géén genade. Meteen nadat we ons verfrist hadden sprongen we in de grote tourbus die ik had geregeld voor onze rondreis. De eeuwenoude poppenvoorstelling mochten we niet missen. Deze unieke voorstelling vond plaats in een bassin gevuld met water. Gekleed in kleurrijke kostuums bedienden poppenspelers de poppen die gracieus over het wateroppervlak bewogen. Midden in een verhaal over boeren, vissers en mythische figuren gingen me helaas de luiken dicht en werd ik een half uur later wakker van een daverend applaus. Een onvergetelijke ervaring voor jong en oud had ik gemist maar ik had wel weer genoeg energie om me een half uur lang door de oude wijk rond te laten fietsen op een Riksja, een typische Vietnamese fietstaxi, waarbij we in een bakje voor op de fiets zaten en die trapgast zich de longen uit zijn lijf trapte.



Rickshaw-ride
Angelica en Paula deelden samen één bakje maar Peter en ik moesten van onze gids gezien ons postuur één Riksja voor ons apart regelen. Die gasten zijn ondanks hun kleine figuur weliswaar héél sterk en afgetraind maar helaas bestaan wonderen ook in Vietnam niet. Maar we zagen wel een groot deel van de bruisende oude wijk. Verkeersregels kennen zie hier niet en Duc daagde ons uit om te proberen de drukke straat over te steken. In Nederland krijgen kinderen net het tegenover gestelde geleerd maar hier werd ons toegebeten ‘vertrouwen in onszelf’ en ‘doorzettingsvermogen’ te hebben. Altijd wel in voor een geintje stelde ik dan maar voor om te beginnen met over te steken. En jawel hoor, het lukte. Auto’s, busjes, Riksha en brommertjes ontweken me handig en niemand schold me uit of gaf me de vinger 🖕🏻. Daar waar ik in Nederland al op drie verschillende socials tot op het bot was afgemaakt verliep hier alles gesmeerd en volgden Peter, Paola en Angelica al snel. Na afloop gingen we op advies van Duc eten bij Hanoi Food Culture. Voor 13,50€ p.p. hadden we een voor-en hoofdgerecht met drie drankjes de man. Hééééerlijk, zeker toen Peter en Paola me vertelden dat zij trakteerden voor mijn verjaardag haha.





Chi Minh’s Mausoleum
Rond 09:00u werden we opgepikt door Djong en Duc. Duc was bang dat er een lange wachtrij zou staan maar dat viel gelukkig mee. Voordat we het mausoleum binnen gingen moesten we onze zakken leegmaken en door een scanner lopen. Overal stonden bewakers en ze keken heel streng. Foto’s maken was verboden en je handen mochten niet in je zakken verdwijnen. Zelfs toen ik met mijn armen over elkaar liep omdat het koud was, kreeg ik de opmerking dat ik mijn armen langs mijn lichaam moest houden. We liepen langs de plek waar hij sinds 1969 lag opgebaard in een geconserveerde open glazen kist die continu werd bewaakt door vier wachten van de elite garde. Iedereen hier in Vietnam is trots op deze man omdat hij veel voor het land heeft betekend. Zo was hij de leider die Vietnam bevrijdde van de Franse en Japanse koloniale heerschappij en daarna de Democratische Republiek Vietnam (Noord-Vietnam) stichtte. In die tijd had je dus een communistisch noord-Vietnam gesteund door de Russen en een anti-communistisch zuid-Vietnam gesteund door de Amerikanen. Daarna begon hij de strijd tegen de VS in de Vietnamoorlog die hij na 20 jaar won. Hij verenigde de Vietnamezen onder de communistische vlag en leidde het land naar onafhankelijkheid. Een beetje de Vietnamese variant van Willem van Oranje dus.









One Pillar Pagoda
De One Pillar Pagoda is een van Hanoi’s meest iconische bezienswaardigheden, beroemd om zijn unieke lotus-geïnspireerde architectuur en diepe spirituele betekenis. Deze historische boeddhistische tempel, oorspronkelijk gebouwd in 1049, staat op een enkele stenen pilaar.




UN. Imperial Citadel of Thang Long
De Keizerlijke Citadel van Thang Long in Hanoi staat op de Werelderfgoedlijst van UNESCO en we hadden deze plek last minute verkozen boven een uur ronddwalen in een pottenbakkerij die ik eerlijk gezegd over het hoofd had gezien. Pottenbakkerijen gaan wij nooit bezoeken, dat laten wij aan andere mensen over die daar veel blijer van worden. Wij bezoeken liever dit historisch koninklijk complex dat meer dan 13 eeuwen lang, van de 11e tot de 19e eeuw, dienstdeed als het Nederlandse Binnenhof. We zagen spulletjes van Nguyen-dynastieën maar ook van de Franse koloniale periode.









Museum of Ethnology
In het Vietnamese Museum voor Volkenkunde zagen we de tradities en levensstijlen van de 54 etnische gemeenschappen van Vietnam. Hier zagen we veel Vietnamese poppetjes die een fotoshoot kwamen doen om hun instagram te vullen.










Temple of Literature
Duc vertelde dat dit een historisch complex gewijd aan de Chinese filosoof Confucius was en in 1070 werd gesticht. 700 jaar lang was het de eerste nationale universiteit van Vietnam en het is nog steeds een belangrijk symbool van de Vietnamese cultuur.













Teddy bear theme cafe

Moonlight Sky bar


La Dolce Vita hotel

Ellen
Toen las ik een berichtje van Ellen op mijn facebook.11 jaar geleden deed ik mee aan een groepreis door Guatemala, Honduras, El Salvador, Nicaragua en Costa Rica. Ellen zat daar ook bij. Blijkt ze nu ook in Hanoi te zitten. Zelfs in hetzelfde hotel in een stad met bijna 10 miljoen inwoners 😂. Over toeval gesproken. Even bijgekletst 🍻


Met de trein van Hanoi naar Hué 🚂
Om 12:00u vertrokken we uit Halong Bay en rond 16:00u klopten we op de poort van UNESCO hotspot Keizerlijke Citadel van Thang Long in Hanoi. Rond 17:00u reed onze trouwe chauffeur Djong ons voor de laatste keer naar het treinstation om ons af te zetten op de nachttrein naar Hué, een grote stad in het midden van Vietnam. We maakten hem meteen miljonair met een fooi van twee miljoen Dong en voor de laatste keer liet hij zijn stevige, gele theetanden zien.
Op advies van de VIP-room tante mochten we de koffers laten staan en konden we op ons gemakkie gaan eten in het ernaast gelegen hotel. Onder het mom ‘nooit je koffer alleen achter laten’ splitsten we ons op in twee groepjes. Eerst ging ik met Peter bikken en daarna Angelica met Paola. Weer terug gekomen in de wachtruimte ging Peter op mijn backpack zitten en sprong de dop van een flesje water waardoor zijn broek zeikesnat werd. Hierna gaf hij mij natuurlijk de schuld zo van ‘je kunt geen dopjes op flesjes draaien’. Ik had de boef meteen door gna.
Eenmaal in de trein lagen we al snel in onze cabines, mooi versierd met een romantisch lampje wat ik van Angelica meteen uit moest maken omdat ze door de weerspiegeling van het licht moeilijk naar buiten kon kijken. Het leuke was dat we ook weer door trainstreet reden maar nu zaten we zelf in de trein (!).
In de trein zelf is het altijd wel moeilijk slapen want het is natuurlijk een gehobbel van jewelste maar met de nodige hazenslaapjes haalde ik mijn slaapuren ook wel.











Vrienden van Dutch Traveljunk
Loop eens binnen bij de vrienden van Dutch Traveljunk. Allemaal leuke mensen die ik persoonlijk ken 🙂
Rowan Falchi Jewelry
Rowan leerde ik een jaartje of 12 geleden kennen in mijn stamkroeg. In die tijd was ze al heel kunstzinnig en haar hoofd zat boordevol ideeën. In 2014 studeerde ze af als sieraden ontwerper aan de kunstacademie in Maastricht waar ze het vak goudsmid leerde. Als ik langs haar huisje op de Putstraat loop zie ik vaker een lampje schijnen aan een tafeltje. Achter dat tafeltje maakt ze weer wat héél moois :).
Kijk even op haar website: https://falchi-jewelry.com/

Pascal Verjans
Pascal maakt speciaal voor jou iedere taart op maat, kleur en smaak zoals jij het wilt. Bel even 06-27339770. Laatst nog een taartje bij hem gehaald in Tüddern. Bel even 06-27339770 en bestel die taart !

Eetcafé San Blas, Schin op Geul
Met eigenaar/kok Johnnie heb ik heel wat leuke momenten beleefd in onze stamkroeg Tapas. John dook vroeger wel eens van de bar af en ik ving hem dan op. Slecht voor de rug maar goed voor de borrelpraat. Samen met zijn vrouw Sonja runnen ze nu dit zuid-Amerikaanse restaurant. Wil je lachen vraag dan naar zijn beroemde broodje ‘gitaar’ als je daar gaat eten ! Of vraag eens naar de beroemde sok van hotel Atlanta in Amsterdam !
https://www.facebook.com/eetcafesanblas

Café the Groove, Sittard
Eigenaar Patje ken ik inmiddels ook al 15-20 jaar. Vroeger stond Patje vóór de bar en nu erachter. Prima gast en zorgt voor een geweldige stemming in zijn kroegje op de Putstraat in Sittard. Zoek de kroeg eens op ! Véél live-bands !
https://www.facebook.com/cafethegroove


Gastrobar Olijf, Sittard
Beryl en Lars ken ik van het stappen en onze vaste Pinkpop-camping groep. Hele lieve mensen met het hart op de goede plek én een hart voor hun nieuwe zaak. Hun tapas-kaart onderscheidt zich van de andere tapas-zaken. Zeker in de zomer is het op het terras héérlijk toeven en ook binnen is het heel gezellig.
https://www.facebook.com/olijfsittard


Restaurant MEDS
https://www.restaurantmeds.nl/


NOUS – Petits Lofts B&B van Angela & Kay Steuns
Onlangs nog een verrassingsbezoek gebracht aan Angela en Kay uit Sittard. Zij had een zaak in Sittard en hij werkte bij defensie. En wat doe je op een dag. Je pakt je boeltje bij elkaar en vertrekt met de kids naar Frankrijk en begint een bed & breakfast. Halloooo dan !
https://www.facebook.com/NOUSlofts.France







































































































De meest verstandige Indiër uit het hostel vertelde me dat iemand waarschuwen voor de gevaren hier in dit land géén zin heeft. Als je van sommigen het verstand in een vogeltje zou proppen zou het pardoes achteruit gaan vliegen. Dit is hier de keiharde realiteit: het boeit ze allemaal géén zak.






Op weg naar de Monkey-tempels zagen we zelfs een koe met zes poten. Het leek net alsof pootje 5 en 6 uit zijn reet staken. Eerst dacht ik nog dat er een kalfje half uit hing. Maar nee, het was een misvormsel der natuur. 






Een oude Indiër deed zich voor als de trotse eigenaar. Hij vroeg al meteen of we een foto wilde maken. Natúúrlijk wilde ik dat. Na het maken van de foto vroeg hij ineens geld. Maar dat doen ze allemaal in India. Scammen. Ze waarschuwen er voor. Ze hebben het zó vaak bij ons geprobeerd. Helaas trapten we daar niet meer in. Onder aan de berg zat een kapper op straat een klant te knippen. Op de stoep stond een plastic kuipstoeltje en aan een roestiger spijker hing een halve spiegel. Gewoon lekker in het zonnetje je ding doen. 

Het verkeer knalde er langs door. Why in godsnaam ? Hier had ik even mijn migrainemomentje. Die hadden geen schroefje los maar de hele gereedschapskist op zijn kop liggen. Sjongejonge. In Agra aangekomen gingen we op zoek naar ons hostel. En weer vielen we in een andere verbazing. Hier liepen gewoon mannen naakt over straat. Gewoon met hun pielemuis zwabberend tussen hun benen. 




Een man stond langs de weg met twee bont en blauw geslagen aapjes aan een ketting. In zijn linkerhand hield hij de ketting, in zijn rechterhand een dikke stok. Op commando begonnen de aapjes salto’s te maken. Massa’s mensen vinden dit net zoals olifantenritjes erg leuk en geven graag geld zodat de baas “voer voor de aapjes” te kopen. Lees: voer voor de eigenaar. Ondertussen is het leven van deze beestjes een hel en de toerist houdt het met geld in stand. Langs de kant lag een hond te piepen van de pijn. Over zijn rug zag je het zwarte, rubberen profiel van een autoband. Ze liggen midden op straat te slapen en dan kun je wel eens over het hoofd gezien worden door een onoplettende automobilist. Haar heup of rug was gebroken en niemand kwam haar dan uit haar lijden verlossen. Want dieren doden mag je hier niet. Dat is een soort heiligschennis. Hier is alles heilig. Als een bak stront zes pootjes en een hartslag had dan kreeg ie nog een bloemenkransje om zijn nek.
Hier lopen ook ouders rond die hun kleuters opmaken. Gewoon lekker wat eyeliner om hun ogen smeren. Het zal wel met hun geloof te maken hebben. Zo kleuren ze ook olifanten en met het Holi-feest zag ik zelfs dat de honden niet gespaard werden. Alles krijgt hier een kleurtje. 





We bezochten Sheroes Hangout. Een restaurant waar meiden werken die door huiselijk geweld door hun partner overgoten zijn met zuur. Van sommige meiden is het grootste gedeelte van hun aangezicht zo goed als verdwenen. Ze zitten helemaal onder de littekens en worden door familie en vrienden verstoten. Hier op deze plek vinden ze lotgenoten waarmee ze een toekomst kunnen opbouwen. Ze wilden heel graag op de foto want ze voelden zich trots als iemand een foto van hun wilde maken. Het eten wat ze maken is gratis. Ze vragen wel een donatie waarvan je de hoogte zelf mocht bepalen. Heel mooi initiatief dit restaurant ! 







In Agra waar de Taj Mahal staat overnachtten we op een heel gezellige plek met de naam: Joey’s hostel. Hier zaten we ‘s avonds de dag af te bieren samen met Lars uit Bonn, Hayley uit Newcastle, Alex uit Seattle en Courtney uit Auckland. Samen keken we vanaf de rooftop naar de Taj Mahal, geheel uit marmer gebouwd in 1632 en één van de meest herkenbare gebouwen van de wereld. Sinds kort één van de zeven wereldwonderen. 
























niet opgemengd met water. Met de gehuurde scooter reden we naar Leopard Valley, een afgelegen plekje ergens in een bos. Na binnenkomst vielen we natuurlijk al meteen op bij de aanwezigen: we zagen er immers nog onbevlekt uit. Maar daar maakten ze meteen korte metten mee. Gretig zochten een zestal handen hun weg naar de bakjes met gekleurd poeder. Tien seconden later zat de kleurstof tot tegen mijn trommelvliezen en zelfs de inhoud van mijn onderbroek had nog nooit zoveel tinten gezien ondanks het feit dat ik de eerste week zeven kleuren stront heb gescheten na het drinken van een Lassi yoghurt-drankje. 


Hier kende men geen genade. Hier gingen we gigantisch voor de bijl. “Happy Holi”: werd ons nog van een afstandje nageroepen. Binnen tien seconden zagen we beiden uit als de schildersezel van Bob Ross. Er waren ook genoeg westerse bezoekers. Stoere mannen met haarknotjes, woeste baarden en armen zo dik als kachelpijpen. Duizend jaar geleden sloegen deze types met hun worst nog een oudbakken roggebrood doormidden. Tegenwoordig geven ze je advies over verschillende soorten handcrême. 



Maar er waren ook héle mooie vrouwen. Als de toch al hitsige locale jeugd onderbroeken van de Action aan had gehad zou alleen nog de elastiek om hun kont hebben gezeten. Veel mensen die India bezoeken doen dat omdat ze wat Yoga-lessen willen nemen. Dat vinden ze fijn en rustgevend. Ik kan me daar niets bij voorstellen. Dat iemand het leuk vindt om urenlang niks te doen. Om urenlang in een bepaalde kronkel gevouwen te zitten en aan niks te denken. Maar het feit dat genoeg mensen het wél doen bewijst mijn ongelijk. 




Wat ik me wél kan voorstellen is dat mensen die yoga beoefenen dit doen om een bepaalde balans te vinden. Dat ze vroeger een tikkie gehad hebben en even van het padje zijn geraakt. En dat yoga, een vorm van meditatie, ervoor heeft gezorgd dat ze weer in balans kwamen. Dat ze in de yoga-sport blijven hangen als ze er eenmaal van hebben geproefd begrijp ik. Ik heb datzelfde gevoel maar dan met bier drinken. Misschien heb ik er gewoon te weinig verstand van. Ik heb me ooit op advies van een vriendin ingeschreven voor een Reiki-les. In de wachtkamer las ik een artikel over Eco-sex. Eco-sex ?? Ja Eco-sex. Gepraktiseerd door skinny-dippende stargazers die midden in een bos, zuigend op een muntblaadje, zich helemaal onnozel schuren tegen jonge berkenboompjes…. ik voelde mijn maagzuur in mijn keel en liep naar buiten. Ik heb absoluut niks tegen yoga-mensen. Maar wel tegen die überlinkse grassprietvretende wannabees die me de kont uithangen met die eeuwige go green shit op social media. Iedereen wijsmaken hoe lekker ze zich voelen bij hun nieuwe leefstijl en ondertussen kruipen ze tegen de muur op van ellende. Man….pak je klankschalen en ga lekker de bossen in bomen of koeien knuffelen maar gun mij mijn vettige steak.

Nu twee dagen later zit die kleurstof nog altijd op mijn porem. Ik heb m’n handen al zo vaak gewassen dat er warempel nog een stempeltje van discotheek het Kelderke uit Sittard tevoorschijn kwam. Maar mijn pan krijg ik maar niet schoon. Damn, volgende week weer werken. Mijn kleurrijke collega’s zullen vast wel een nieuwe bijnaam verzinnen 🤦🏻♂️😂🤗



Bij een willekeurig strandhotel aangekomen (je hoeft hier niet van te voren te boeken) waren we meteen aan de beurt. De receptioniste was nog niet echt handig met inchecken. Ze maakte veel typefoutjes. Maar dat kwam door haar lange gepimpte Kardashian-gelnagels. Ze werkte er net drie dagen. Ze was vorige maand ontslagen bij de lokale bakker omdat ze alle gebakjes op had gegeten. Ze had twee maanden “proeftijd” toch iets te letterlijk genomen. 



Het duurde me allemaal wat te lang. Het was loeiheet onder het tentzeil en ik had zin op een biertje. Ik zei tegen Angelica dat ik even buiten ging peuken totdat Barbie klaar was. Dát had ze gehoord 😱. Én begrepen ! Mijn fout. Dom natuurlijk. Ze reageerde furieus en ik wist meteen dat ik een korstje open had gekrabd. Ze trok ineens een gezicht als een geschoren kont. En dan die blaf van haar. Ineens…. binnen drie seconden van lady naar ghetto. Een hele doos woordenkots golfde over haar duckies. De pretty girl was ineens verdwenen. In godsnaam: hoe kun je shit laten uitzien als suiker 😱. Wat een pannenkoekenkont. Maar goed. Ik bood mijn excuses aan en Barbie werd al wat rustiger. 


Onze strandhut was gebouwd op houten palen. Het uitzicht over de Arabische zee was prachtig. Iedere avond verdween de fel brandende rode zon achter het eilandje Kanika, vlak voor de schone kust. Met een scootertje verkenden we de mooie stranden. We zaten net 10 minuten op de scootert toen oom agent zijn hand opstak. Dju. Stoppen dan maar. 


Hij vroeg waarom ik geen helm op had. Ik antwoordde gevat dat ik nog geen enkele scooterrijder met een helm op had gezien en dat de verhuurder me geen helm had meegegeven. “Die heb je wel bij je”: zei ie. “ Die ligt onder de zitting”. En warempel, daar lag mijn helm. Zo’n pispot die me natuurlijk niet paste. Ik moest 200 Roepies betalen en wel contant. Ik kreeg geen bonnetje. Ik meende slim te zijn en haalde mijn pinpasje tevoorschijn. Meteen vroeg de boef of ik geen cash bij me had want het pinapparaatje was zogenaamd kapot. Dit geld verdween natuurlijk in zijn eigen zak. Hij had een jongen bij zich die hij aan het aanleren was. Hij zou hem wel eens eventjes laten zien hoe je toeristen het geld uit hun beurs klopt. Jongens die in India bij de politie gaan hebben eerst de hele scouting doorlopen. Ze kunnen 87 knopen leggen maar krijgen nog geen BH los. Laat staan een pinapparaat aan de gang.

Maar hier kon ik uit principe niet tegen en ging vol in discussie. Angelica zei dat ik maar moest stoppen met discussiëren. Ze had gelijk. Voor die drie euro riskeerde ik géén stuk lood in mijn walnoot. Je weet maar nooit als het escaleert in den verre. En ach, drie euro. Waar heb je het over. Drie flesjes Heineken. Bij het eerste strand wat we tegen kwamen was ik de situatie weer vergeten. Kijk de foto’s dan !!!😍😍😍




Pench National Park viel enigszins tegen. Op de eerste plaats hebben we geen tijgert gezien maar dat heb je helaas in het wild niet voor het zeggen. Het is immers geen dierentuin. Maar het lijkt niet echt op een jungle. Het lijkt meer op een stukje bos zoals het Sweijkhuizer bos. 





De gids achterin was een jonge meid met lieve flapoortjes. Ze had nog weinig jungle ervaring want een beetje gids richt zijn ogen alleen maar richting de struiken en niet op de weg. Daar hadden we de chauffeur voor. Ondanks dat ze weinig te vertellen had was ze heel aardig en lachte aan één stuk door. Pench Jungle camp was wel weer mooi en we sliepen een nachtje in een prachtige tent. Het kamp heeft een restaurant met drie keer per dag een lopend buffet met allemaal Indiase lekkernijen. De locatie wordt goed bewaakt door drie duitse herders die gewoon los rondlopen. Verder is het hele kamp omheind met een hoog hekwerk zodat evt. hongerige tijgers niet naar binnen kunnen. De staf was erg behulpzaam. Vandaag vliegen we naar de mooie stranden van Goa. Doei ! ✈️🌍🇮🇳

















Nep-priesters komen met bakjes vingerverf naar je toe en voordat je het weet loop je rond als een Hiawatha. Daarna is het natuurlijk lappen geblazen. Ach…. voor die ene euro stonden we even later front-row tussen de Indiërs.


Ons werd vaak gevraagd of we op de foto wilden met willekeurige mensen. Hier zie je niet veel blanken dus voor de mensen hier zijn wij dé attractie. 


Even verderop liggen de hospices. Kashi Labh Mukti Bhawan is zo’n trust. De mensen die er heen gaan om te sterven krijgen tien dagen de tijd om dat dan ook te doen volgens de neef van de eigenaar die de dienst draaide. Daarna volgt een herbeoordeling. De eigenaar staat er vanwege zijn jarenlange ervaring om bekend dat hij in de ogen van een zieke kan zien hoelang hij nog heeft. Zelden zit hij er langer dan één dag naast. Dit maakt de planning wel wat gemakkelijker voor hem. 











Varanasi staat ook bekend als Kashi oftewel de “stad van het leven”. Ik ben nog nooit op een plek op aarde geweest waar ik zo met mijn ogen heb geklapperd als hier. Mensen te voet, fietsers, brommers, auto’s, motoren, Riksja’s, tractors, bussen: alles rijdt hier kriskras door elkaar. 








Een man zonder benen kruipt hier tussendoor. Met zijn handen en stompjes duwt hij zichzelf op zijn buik over de stoffige niet-beklinkerde weg. Zijn kommetje met kleingeld voor zich uit duwend.
In het open riool aan weerszijden van de brede straat wemelt het van de dikke bruine ratten. Angelica slaakte iedere keer een gilletje als ze weer eens zo’n dikkerd voorbij zag springen. Naast het riool staan kleine tentjes of bedjes van lompen waarop daklozen gaan slapen als het donker wordt. Invalide en mismaakte mensen staan in een rijtje gestructureerd midden op straat. Één voor één vragen ze je om vijf roepie (0,06€). Genoeg om een bekertje thee te kopen of een koekje. Nep-Baba’s gooien zich in een bocht om er fotogeniek uit te zien zodat toeristen als wij tegen betaling van 20 roepie foto’s van hun kunnen maken. Als de foto eenmaal gemaakt is verdubbelen ze het bedrag ineens. Je word genaaid waar je bij staat. Maar ach… voor 0,50€ heb je een leuk plaatje. In een land waar nog wekelijks mensen worden gelyncht ga ik geen zeik maken. 


We maakten diverse keren op staat ruzie’s mee. De politie moet dan tussen beiden komen. Op hun rug hangt een joekel van een dubbelloops geweer. Die wordt pas gebruikt als de krom geslagen stok aan hun broek geen soelaas biedt. De hygiëne laat hier dik te wensen over. Op twee dagen tijd maakte ik drie kakkerlakken op onze hotelkamer dood. Klagen heeft hier geen zin beseften we. Modepoppen op straat worden door winkelbediendes ieder uur afgeklopt zodat het stof er niet te veel grip op krijgt. Op straat liggen de uitwerpselen van dieren maar ook van mensen. De mensen die géén geld hebben voor schoenen lopen op blote voeten door de derrie. Op sommige plekken is de stank van de urine niet te harden. Als we werden aangesproken door een Riksha-of tuktuk-chauffeur dan hadden de meesten geen tanden meer in hun mond. Of van die zwarte puntjes wat ooit tanden zijn geweest. Met een mond vol bruine pruimtabak vroeg hij of ik gebruik wilde maken van zijn tuktuk. Even later gevolgd door een dikke, bruine fluim zo dwars voor mijn voeten. Welkom in Varanasi ! Love it ❤️🇮🇳